Motivatie binnenstebuiten

motivatie binnenstebuiten

In het boek ‘Motivatie binnenstebuiten’ lees ik het geheim achter gemotiveerde pubers, enthousiaste leerlingen en gedreven studenten. Misschien spreek jij op school ook veel over motivatie, maar voldoen de school en jouw lessen ook aan de voorwaarden voor motivatie? Voor de gemiddelde leerling misschien, maar hoe zit het met de leerlingen die net wat meer nodig hebben? En hoe krijgen we leerlingen weer gemotiveerd?

Wat is motivatie

Wat motivatie precies is, is lastig te zeggen. De randvoorwaarden voor motivatie vanuit de zogenaamde ‘zelfdeterminatietheorie’ zijn deze: competentie, autonomie en verbondenheid. Misschien herken je deze begrippen ook als de drie basisbehoeften van een mens. Het zijn ook de randvoorwaarden voor geluk. Het zijn wat lastige begrippen die misschien wat inhoudloos blijven. Daarom ben ik blij de vertaling die Luc Stevens eraan geeft: ik kan het, ik kan het zelf en ik hoor erbij. (p. 59)

Zijn die voorwaarden er echt?

Als leerlingen een bijzonderheid met zich meedragen in de vorm van autisme, hooggevoeligheid, dyslexie of hoogbegaafdheid, vermoeidheid, ADHD, of wat dan ook is het de uitdaging voor docenten en leerlingbegeleiders om de leerling eens langs de lat van de randvoorwaarden te leggen:

  • Hoe autonoom kan deze leerling functioneren? Waarderen we zijn bijzonderheden of mag hij er eigenlijk niet zijn? Mag hij zijn zoals hij is? Drukken we hem in een keurslijf die past bij de school, maar niet bij hem? Hoe zelfstandig mag een leerling zijn die duidelijk genoeg heeft aan één les wiskunde in de week?
  • Hoe competent voelt de leerling zich? Als de docent in het werk van de leerling met dyslexie toch steeds weer die rode pen gebruikt om de fouten aan te geven, terwijl we hadden afgesproken dat we dat niet meer zouden doen? Of als de leerling na 40 minuten zich niet meer kan focussen terwijl de docent nog rustig doorstoomt? Als de leerling rijtjes moet stampen maar het automatiseren nog niet goed is ontwikkeld? etc.
  • Hoe verbonden voelen we ons met de leerlingen die bijzonder zijn? Lopen we voor hen net zo hard als voor de modelleerlingen? En hoe verbonden kan een leerling die gevoelig is voor geluid zich voelen met klasgenoten als er altijd uitgegaan wordt van het gemiddelde: dus wel een knalfeest met veel geluid, wel extra sporten omdat de rest dat zo leuk vindt? Of die leerling die iedere dag zorgtaken moet uitvoeren voor iemand in het gezin, hoeveel kans heeft hij om zich te binden aan de klas? Etc. En hoe verbonden voelen leerlingen zich met zichzelf?

Geen motivatie is signaal

Als leerlingen niet gemotiveerd zijn, veel spijbelen of alleen lichamelijk aanwezig zijn, is dat een signaal van een onderliggend probleem. Soms ligt dat probleem bij de leerling en/of zijn gezinssysteem. Maar soms ligt dat probleem ook in de school, de klas of bij de docent. Deze leerlingen verdienen in mijn ogen geen straf, maar een open houding bij de volwassenen om hen heen: wat wil je ons vertellen?

Motivatie en geluk hebben dezelfde randvoorwaarden. Dat betekent ook dat de afwezigheid van motivatie een signaal van de afwezigheid van geluk kan zijn. Als leerlingen niet gemotiveerd zijn voor school (soms zijn ze wél gemotiveerd, maar zijn er omstandigheden waardoor het niet lukt om (op tijd) naar school te gaan) dan is er iets wat dit geluk en deze motivatie in de weg staat. Serieus omgaan met absentie op school kan het geluk van de leerling dus vergroten. De motivatie mag je dus nooit als een doel of een gebrek zien. Motivatie is in mijn ogen een signaal van geluk en de afwezigheid ervan een signaal van ongeluk.

Hoe raken jongeren weer gemotiveerd

Hoe kunnen jongeren weer gemotiveerd raken? Het antwoord is eigenlijk al gegeven. Door open te staan voor de leerlingen en goed naar hen te luisteren kun je achter de redenen komen waarom ze niet meer gemotiveerd zijn. Soms voelen ze zich niet competent, soms schort er iets aan hun autonomie en vaak voelen ze zich niet verbonden met mensen en met zichzelf.

Ik kan het
Ik kan het zelf
Ik hoor erbij

Een leerling moet zichzelf belangrijk vinden. Dat lukt vaak pas als ze weten wat ze waard zijn. Er moet een doel zijn, een toekomstperspectief. Er moet hoop zijn.

En vaak hebben deze jongeren het nodig dat je ‘over de top’ gaat. Om de afgelopen jaren te compenseren is het soms nodig dat ze nu extra autonoom te werk mogen gaan. Maar wel altijd in verbinding met anderen en gebaseerd op de competenties die de leerlingen hebben. Zo kunnen ze het vertrouwen in zichzelf en anderen weer terug vinden.
Wat een gave job heb je als je op een school mag werken en deze leerlingen hoop en vertrouwen mag geven.

Motivatie binnenstebuiten

Als je iemand wilt motiveren haal je het binnenste buiten. Je eigen binnenste wordt zichtbaar in je woorden en gedrag naar de jongeren toe: ik vind je belangrijk, ik ga ervoor, ik steun je, je kan het, ik hou van je al kan ik je qua gedrag soms achter het behang plakken. En daardoor komt ook het binnenste van de jongere naar buiten: dit ben ik, dit wil ik, dit kan ik, met deze mensen wil ik mij verbinden, ik hou van jou.

Interessante materie, niet? Het boek Motivatie binnenstebuiten kan je via deze link kopen.(aff.) Het is geschreven door Huub Nelis en Yvonne van Sark, de schrijvers van het boek ‘puberbrein’. Ik moet zeggen dat ik de manier van schrijven erg prettig vind. En de inhoud past bij hoe ik over de dingen nadenk. Fijn om te merken dat hun uitspraken gestaafd zijn aan onderzoeken en gesprekken met leerlingen.

Als je meer over Luc Stevens wilt lezen kan dat hier. Maar misschien lees je liever iets over de wisselende cijfers bij hoogbegaafde leerlingen.

Dit vind je ook leuk

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *